De technieken van het Kime-No-Kata vinden hun oorsprong vermoedelijk in het
jiu-jutsu van de Kito Ryu. De technieken zijn samengesteld uit de 116
technieken die deze stijl rijk is. Het was Saigo Shiro die het Kito Ryu
inbracht in het Kodokan judo.
Het was in 1906 dat de syllabus van het Kodokan judo compleet was en
grotendeels overeen kwam met het huidige judo. Op 24 juli dat jaar werden de
Kodokan kata’s door de Dai Nippon Budokai in Tokio bevestigd. De kata’s zijn
geformuleerd door 14 jiu-jutsumeesters en 6 leden van de Kodokan waaronder
Jigoro Kano.
De actie in dit kata vindt plaats in het feodale Japan en hoewel Tori en Uke
een judopak dragen moeten ze zich gedragen als twee samurai die zowel
ongewapend als met katana (zwaard) en tanto (dolk) ‘vechten’.
Opbouw kata:
Het Kime-No-Kata bestaat uit twee series met technieken, 8 handelingen
geknield (Idori) en 12 handelingen staande (Tachi ai). Een andere naam voor
het Kime-No-Kata is Shinken shobu no kata, hiermee wordt bedoeld dat
technieken werkelijk moeten worden uitgevoerd alsof het een echt gevecht is.
Voor meer informatie zie ook het volgende (PDF)
document, of op deze
link.
Openingsceremonie:
Tori en uke staan tegenover elkaar op ongeveer 5,4 meter (18 voet)
afstand. Tori bevindt zich aan de rechterzijde, gezien vanaf Shomen.
Uke is in het bezit is van een zwaard en een dolk in zijn rechterhand en
plaatst deze aan de rechterzijde van zijn heup, het zwaard aan de
buitenkant. De punt van de zwaardschede wordt in een hoek van ongeveer
45 graden gehouden ten opzichte van de vloer.
Tori en uke draaien zich richting de Shomen en voeren een staande
buiging uit (wanneer uke de buiging maakt blijven de wapens nog steeds
in een hoek van 45 graden ten opzichte van de vloer).
Tori en uke draaien zich terug naar elkaar toe en knielen neer. Uke
legt zijn wapens naast zich neer op de mat, parallel aan zijn benen. Uke
plaatst eerst de linkerhand (met de handpalm omhoog gericht), aan de
rechterzijde van de dij en legt de dolk met de rechterhand in de
linkerhand en plaatst het zwaard op de mat. Uke grijpt met de
rechterhand de dolk uit de linkerhand en legt de dolk op de mat.
De dolk moet aan de binnenzijde worden gelegd, de scherpe zijde van
zowel de dolk als het zwaard zijn naar uke toe gericht. Tori en uke
voeren een geknielde buiging (zarei) uit naar elkaar.
Uke pakt de dolk met de rechterhand en plaatst deze in de linker
handpalm (de achterkant van uke's linkerhand ligt op zijn rechter
bovenbeen). Uke pakt het zwaard met de juiste hand en plaatst het in de
dolk en grijpt de dolk en het zwaard met de rechterhand en plaatst deze
op zijn rechterheup en staat op.
Uke draait zich om, loopt 1,8 meter (6 voet) en gaat geknield
zitten. Hij houdt de wapens verticaal voor hem (met de punt van
het zwaard in de richting van de mat en de scherpe zijden naar hem toe
gericht). Hij houdt de de wapens met beide handen vast met de punten
naar rechts gericht. Uke legt de dolk in zijn linkerhand, en legt
hierna het zwaard op de mat. Daarna legt uke de dolk ook op de mat (ook
hier weer aan de binnenzijde) waarbij de scherpe zijden naar uke gericht
zijn. De handvaten van de wapens zijn gericht richting de Shomen.
Als uke opstaat, staat ook Tori gelijktijdig op en uke draait zich
om richting de Shomen. Uke loopt terug naar zijn voormalige positie (het
lichaam is gericht richting Tori) Zij nemen samen een stap vooruit
(beginnend met de linkervoet), en staan in de natuurlijke houding.
Tori en uke lopen naar elkaar toe tot een afstand van van ongeveer
90 centimeter (40 inches) van elkaar knielen meer. Tori en uke gaan de
afstand tot elkaar verkleinen totdat de onderlinge afstand ongeveer twee
(of drie voor langere personen) vuisten breed is (de hiza zume positie).
Het verplaatsen in geknielde positie op de mat vind plaats door door het
plaatsen van hun vuisten op de mat met de handpalmen naar binnen gericht
waarbij de knieën over de mat glijden. Tori en uke zullen hierbij hun
hoofd iets naar links draaien zodat zij zich tijdens het verplaatsen
niet kunnen raken.
Afsluitingsceremonie:
Uke draait zich om en loopt terug waar de dolk zich op de mat
bevind, uke gaat zitten en verwijdert het zwaard wat zich aan zijn
linker heupzijde bevind. Uke legt het zwaard terug in de originele
positie op de matt.
Uke pakt de dolk en het zwaard (wederom oppakken met de
linkerhand en plaatsing in de rechterhand). Uke plaatst de wapens op
zijn rechter heup en staat op. Uke keert terug naar zijn originele
positie en draait zich om in de richting van Tori.
Tori en Uke stappen gelijktijdig één pas achteruit (rechtervoet
eerst, daarna linkervoer buisluiten), en gaan geknield zitten. Uke legt
de wapens op dezelfde wijze op de mat zoals deze aan het begin van de
kata lagen. Uke en tori voeren een geknielde buiging uit (zarei) .
Uke pakt de wapens, zoals ook uitgevoerd aan het begin van deze
kata.
Tori en Uke staan op, draaien in de richting van de Shomen en voeren
een staande buiging uit.
Videos:
Een hele mooie uitvoering van het
Kime-No-Kata zie:
(de video kan helaas niet worden ingesloten)